Money & Business

Je spaarrekening levert eindelijk weer wat op

· 4 min leestijd

Je hebt het misschien niet gemerkt, maar je spaarrekening doet ineens weer iets. Na jaren van bijna nul procent rente, waarin geld op de bank vooral geld verliezen betekende door inflatie, is daar sinds deze zomer verandering in gekomen. De Europese Centrale Bank verhoogde in juni de rente voor het eerst in bijna drie jaar, en Nederlandse en buitenlandse banken volgen schoorvoetend. Tijd om te kijken wat dat voor jouw spaargeld betekent, en of je er iets mee moet doen.

Waarom de rente nu opeens stijgt

De ECB verhoogde de depositorente in juni naar 2,25 procent, de eerste renteverhoging sinds 2023. Aanleiding was een inflatiepiek van 3,2 procent, aangewakkerd door de oorlog tussen Iran en Irak die de olieprijzen opstuwde. In juli hield de centrale bank de rente nog gelijk, omdat de inflatie in de eurozone alweer afkoelde naar 2,8 procent, maar de markt houdt rekening met nog een of twee verhogingen later dit jaar. Voor spaarders is dat goed nieuws: banken zetten hun tarieven doorgaans met enige vertraging in lijn met het ECB-beleid, en die beweging is nu voor het eerst sinds lange tijd omhoog in plaats van omlaag.

Dat mechanisme werkt niet direct. Banken kijken naar hun eigen liquiditeitsbehoefte en concurrentiepositie voordat ze hun spaarrente aanpassen, dus grote gevestigde namen bewegen meestal als laatste. Kleinere Nederlandse aanbieders en buitenlandse banken die via spaarplatforms werken, waren dit keer weer het eerst met een verhoging.

Wat je spaarrekening nu daadwerkelijk oplevert

De cijfers zijn voor het eerst in jaren de moeite waard om naar te kijken. Op een vrij opneembare spaarrekening haal je bij de beste aanbieders inmiddels tot 2,30 procent per jaar, het hoogste niveau sinds mei vorig jaar. Zet je je geld voor vijf jaar vast, dan loop je tegen tarieven tot 3,32 procent aan. Ter vergelijking: twee jaar geleden stond je bij veel grootbanken nog op 1 procent of lager, terwijl de inflatie flink hoger lag.

Je salaris hield de inflatie de afgelopen jaren al niet bij, en hetzelfde gold voor je spaargeld. Dat begint nu dus te kantelen, al is het verschil tussen banken nog altijd fors. Het loont om even te vergelijken voordat je aanneemt dat je huidige rekening het beste tarief biedt.

Het addertje onder het gras

Voordat je enthousiast al je geld overboekt: reken de rente altijd om naar wat je er netto aan overhoudt. Bij 2,8 procent inflatie en 2,30 procent spaarrente sta je in reële termen nog steeds licht in de min. De rente is dus geen manier om rijk te worden, eerder een manier om iets minder koopkracht te verliezen dan de afgelopen jaren.

Daarnaast telt je spaargeld mee in box 3, en heeft de fiscus daar dit jaar opnieuw aan gesleuteld. Wie meer dan het heffingsvrije vermogen aan spaargeld en beleggingen heeft, betaalt daarover belasting, ongeacht of de rente die je krijgt die belasting wel dekt. Bij buitenlandse aanbieders is het bovendien belangrijk om te checken of het depositogarantiestelsel van toepassing is: binnen de EU is spaargeld tot 100.000 euro per persoon per bank gegarandeerd, maar dat geldt per instelling, niet per rekening. Heb je geld verspreid over meerdere producten bij dezelfde bank, dan telt dat gewoon bij elkaar op.

Moet je overstappen naar een andere bank

Dat hangt af van hoeveel geld het scheelt en hoeveel moeite je ervoor over hebt. Bij een spaarsaldo van 5.000 euro maakt een verschil van 0,5 procentpunt rente je 25 euro per jaar, nauwelijks de moeite van een overstap. Bij 50.000 euro gaat het al om 250 euro, en dat begint serieus te tellen. Vergelijk daarom niet alleen het huidige tarief, maar ook hoe stabiel een aanbieder historisch is geweest: sommige banken trekken je binnen met een lokkertje en verlagen de rente daarna snel weer.

Wie sowieso al met beleggen bezig is, moet zich ook afvragen of sparen wel het beste vehikel is voor geld dat je langere tijd niet nodig hebt. Breed gespreid beleggen in indexfondsen levert historisch gezien een hoger rendement op dan zelfs de beste spaarrente, al neem je daarmee wel meer risico. Voor je buffer, het geld dat je binnen een jaar nodig kunt hebben, blijft een spaarrekening de logische keuze. Voor geld met een langere horizon is de rentestijging vooral een reden om te kijken of je spaarquote nog wel klopt, niet om alles op sparen te zetten.

Wat je deze maand het beste kunt doen

Check eerst welke rente je nu daadwerkelijk krijgt, veel mensen weten dat niet eens uit hun hoofd. Vergelijk dat met de actuele toptarieven en reken uit wat een overstap je concreet oplevert, niet in procenten maar in euro's per jaar. Verdeel grotere bedragen over meerdere banken als je boven de garantiegrens van 100.000 euro uitkomt. En besef dat een hogere spaarrente geen vervanging is voor een fatsoenlijk pensioenplan of een beleggingsportefeuille: het is een kleine, welkome meevaller na jaren waarin je spaargeld alleen maar aan waarde inleverde.

S
Geschreven door Sander Kuijt Finance & business redacteur

Sander is de man die op elk feestje het gesprek kapt door te zeggen dat je pensioen niet vanzelf komt. Na tien jaar in de financiële sector, waarin hij meer spreadsheets heeft gemaakt dan de meeste mensen ooit zullen zien, ging hij schrijven over geld, crypto en ondernemen. Verrassend onderhoudend voor iemand die oprecht enthousiast kan worden van een goed samengesteld ETF-portfolio. Hij heeft zijn eigen beleggingen zo geautomatiseerd dat hij soms vergeet dat hij ze heeft, wat volgens hem precies de bedoeling is. Zijn guilty pleasure is crypto-Twitter om drie uur 's nachts scrollen en dan doen alsof hij het niet gelezen heeft. Vrienden vragen hem inmiddels om financieel advies bij verjaardagen, wat hij stiekem geweldig vindt.